Verslag: debat zwolse gemeenteraad over financiële bestaanszekerheid
Zwolle – Maandavond 8 december 2025 was er in de gemeenteraad van Zwolle een debat over het Beleidsplan Financiële Bestaanszekerheid.
Het bieden van (financiële) bestaanszekerheid aan Zwollenaren is één van de belangrijkste onderwerpen in het collegeakkoord 2022-2026. Met financiële bestaanszekerheid wordt bedoeld dat inwoners kunnen voorzien in hun basisbehoeften, mee kunnen doen in de samenleving, financieel redzaam zijn en geen problematische schulden hebben. In het nieuwe beleidsplan Financiële Bestaanszekerheid staat beschreven hoe het college hier in de periode 2026 tot 2030 op wil inzetten. Het beleid richt zich op financieel kwetsbare Zwollenaren die moeite hebben om rond te komen en onvoldoende financiële bestaanszekerheid hebben.
Geldzorgen zijn belemmerend
De ChristenUnie was de eerste die met haar bijdrage begon. Zij memoreert dat geldzorgen een grote belemmering kunnen zijn voor goed leven, en dat kan nog doorgaan tot lang na het oplossen van bijvoorbeeld de schulden. Ze vindt het goed dat in het beleidsplan is gekeken naar professionele hulpverleners, ervaringsdeskundigen en vrijwilligers. Ook voor servicegesprekken en aansluiten bij rijksbeleid heeft zij waardering. Vroegsignalering en voorkomen van moeilijke situaties vindt zij hard nodig, evenals zorg voor arbeidsparticipatie.
De PvdA vertelt dat armoede bestrijden geen liefdadigheid is, maar rechtvaardigheid en een fundamenteel mensenrecht. Mensen in armoede ervaren geen echte vrijheid in hun leven. Het voorkomen van geldzorgen en schulden is daarom belangrijk. Ze kunnen vaak opkomen bij grotere life-events, zoals een scheiding of een geboorte. De fractie wil graag meer regie van de gemeente en meer financiële educatie op scholen.
Overzichtelijker
Het CDA is trots dat het beleidsplan een stuk overzichtelijker is geworden. Er was een woud aan regels, en de gemeente heeft gezorgd voor vereenvoudiging. Tegelijk hoopt de fractie dat er meer gemonitord gaat worden. Komen we wel tot het beoogde doel? Ze wil ook meer aandacht voor diverse doelgroepen in de arbeidsparticipatie. De beste manier om mee te doen blijft toch een betaalde baan.
D66 is zeer enthousiast over het plan. Leven is het meervoud van lef, zegt zij, en ziet dat zowel mensen met een laag inkomen als de gemeente wat lef kunnen tonen om nader tot elkaar te komen. Ieder talent telt daarbij en mensen moeten op een plek komen die bij hen past. Daarbij is het de arbeidsmarkt die afstand heeft, niet de mensen. Inkomensregelingen moeten voor iedereen zijn, en eenvoudig te bereiken. Veel mensen kunnen niet verder kijken dan de dag van morgen, en dat baart zorgen.
Actie voor arbeid
De VVD doelt erop dat bestaanszekerheid niet alleen betekent schuldenvrij zijn, maar ook omgaan met geld en de toegang tot de arbeidsmarkt. Daarvoor wil zij concrete acties. Regelgeving en situaties van mensen zijn ingewikkeld. De partij mist de stip op de horizon: waar gaat het naartoe? Ook vroegsignalering werkt nu onvoldoende. Sommige mensen vallen buiten de boot, bijvoorbeeld wanneer hun inkomen net iets hoger is en zij geen bijdragen meer uit de inkomensondersteuning krijgen. Daar zou iets aan moeten worden gedaan.
GroenLinks zegt dat één op de tien huishoudens in Zwolle leeft in armoede. Dat houdt in dat veel kinderen niet op schoolreisje kunnen of geen boeken kunnen kopen, en mensen liggen daar wakker van. Als gemeente moeten we echt naast deze mensen gaan staan, zegt de fractie. Preventie is het begin, maar ook de sociale basis moet in orde zijn. De inkomenregelingen moeten ook goed toegankelijk zijn. Tevens moeten de gezette stappen in arbeidsparticipatie goed in beeld komen.
Worstelende jongeren
De SP vindt dit een belangrijk plan dat raakt aan de kern van bestaanszekerheid. Jongeren worstelen vaak met financiële zelfstandigheid en daar moet iets voor zijn. De wettelijke beslistermijn waarop mensen recht kunnen krijgen op een uitkering is 8 weken, dat kan voor sommige mensen te lang zijn. Ook moet de pauzeknop (voor het afbetalen van schulden) direct kunnen worden gebruikt, vindt deze partij. Het plan moet niet blijven bij papieren acties, maar moet echt iets gaan doen.
De PvdD ziet signalen in de media waarbij mensen het oneens zijn met gemeente en rijksoverheid. Er worden nu vooral pleisters geplakt in de bestaanszekerheid. Preventie van schulden is enorm belangrijk. Het is positief wanneer alles in één keer is aan te vragen. De partij is blij met het advies van de participatieraad. Toegang tot werk moet lonen. Er stromen meer mensen de bijstand in dan eruit. Dat is zorgelijk. Het gaat dan vaak om statushouders met een lage taalkennis.
Volt meent dat bestaanszekerheid zich niet laat vatten in cijfers en regels. Brede ondersteuning moet gekoppeld aan het dagelijks leven. Ook met mensen die dichtbij de zorgvragers staan. In plaats van de brief die 18-jarigen van de gemeente krijgen over hun financiële situaie, zou er een brief moeten komen op hun 17e verjaardag, zodat zij meer voorbereid zijn. Vereenvoudiging is belangrijk, maar ook kleine ondernemers moeten een doelgroep worden in de plannen. Nazorg moet niet beperkt blijven tot één telefoontje.
Reactie wethouder Paul Guldemond
Deze wethouder verhaalt dat het sturen op duurzame uitstroom uit de inkomensregelingen precies is wat in het coalitieakkoord staat. Zwolle schuldenvrij is een mooie stip op de horizon. Daarover wil de gemeente ook graag blijven rapporteren.
Een deel van de doelgroep is parttimer, en zij krijgen speciaal aandacht. Mensen die relatief kort in de bijstand zijn, kunnen gemakkelijker worden geholpen. Werken door asielzoekers en/of statushouders wordt makkelijker. Inburgeraars moeten allerlei dingen kunnen voordat zij worden toegelaten tot zorg en dergelijke. Lokaal en regionaal moet op elkaar worden afgestemd.
Reactie wethouder Michiel van Willigen
Volgens deze wethouder is de waarde van het praten over inkomensregelingen breder dan praten over schulden en armoede, maar gaat het ook over het sociaal domein. Er gaat jaarlijks zo’n 10 miljoen naar bestaanszekerheid, terwijl er zeker 50 miljoen naar Jeugdzorg gaat, en zo zijn er meer voorbeelden. Dat betekent dat meer geld voor arbeidsparticipatie niet meteen zorgt dat er meer geld overblijft op andere terreinen.
Financiële educatie is voor deze wethouder ook belangrijk. dat kan zorgen voor vroeg voorkomen van (meer) schulden. Er loopt daarvoor nog steeds een proef. Ook wil de wethouder afwachten wat het rijk doet, en niet op voorhand als gemeente zelf geld beschikbaar te stellen.
Eén aanspreekpunt is verstandig, zegt de wethouder, maar op dit moment is dat Op Orde in de wijken, en vanwege de continuïteit zou dit beter zo blijven. De Pauzeknop wordt nu ook al gebruikt in maatwerk, en wil de wethouder niet automatisch of generaal toepassen, omdat sommige mensen het ook zonder kunnen en anders geld moeten terugbetalen. Dat is onwenselijk.
Contact met de participatieraad is voldoende om de stem van mensen in de schuldhulpverlening te horen, aldus Van Willigen. Zij zitten er vaak niet op te wachten om in een medezeggenschapsraad te gaan. Exact monitoren is in al deze gevallen erg moeilijk. Nazorg vind hij altijd belangrijk, en hun situatie te borgen ook. Dat gebeurt bijvoorbeeld met budgetcoaching.




