Vroeger ging de fik erin: dit gebeurt nu met de honderden planken van Zwolse huttendorpen
Zwolle – Eerst dagenlang zagen, timmeren en bouwen. En dan mag de hamer er opnieuw in. Maar dit keer om de boel juist af te breken. Bij Jeugdland in Zwolle-Zuid verdween donderdag de laatste hut van het terrein bij wijkboerderij De Schellerhoeve. Vroeger eindigde een huttendorp nog weleens met vlammen en een bezoek van de brandweer. Anno 2026 gaat het heel anders: het hout wordt hergebruikt, weggegeven, verkocht en uiteindelijk gescheiden verwerkt.
„Is slopen eigenlijk leuker dan bouwen?”, klinkt het tussen de stapels planken. Het antwoord van een van de jonge slopers is kort maar duidelijk: „Echt wel.” Even later verdwijnen weer een paar stukken hout in een van de grote containers.
Een paar dagen geleden stond hier nog een compleet dorp. Honderden kinderen sjouwden met planken en sloegen spijkers in het hout. Er verscheen zelfs een hut met twee verdiepingen. Donderdagmiddag resteert vooral een landschap van planken, balken en half afgebroken bouwwerken.

Nog maar één hut overeind
Veel hoefde er donderdagochtend overigens niet meer gesloopt te worden. In de nacht had een groep jongeren zich op het terrein uitgeleefd. Een groot deel van de hutten werd vernield. Toen de organisatie ‘s morgens terugkwam, stond er nog maar één hut overeind. ‘Jammer voor de kinderen, sneu, dat hun hut er vanochtend al niet meer stond.”.
Ook die laatste overlevende moest er donderdag aan geloven. Kinderen en begeleiders haalden het bouwwerk plank voor plank uit elkaar. Het hout werd opgestapeld en verdween in de grote containers die op het terrein klaarstaan.
„Kijk, ik heb hulpjes”, zegt Bert Palland, coördinator van De Schellerhoeve, terwijl kinderen met het hout in de weer zijn. Goed stapelen is nog een kunst op zich. „Anders zit het zo vol.” Er staan twee containers klaar om het materiaal af te voeren.

Hout heeft al een leven achter de rug
Opvallend is dat veel van de planken niet eens voor het eerst als hut hebben gediend. „Dit komt al van een ander huttenbouwproject in Nijverdal”, vertelt Palland. Het hout werd daar eerder deze zomer gebruikt, daarna naar Zwolle gehaald en kreeg bij Jeugdland opnieuw een bestemming.
„Dan halen wij het weer op en dan kunnen wij ook nog een keer huttenbouwen”, vertelt hij over die tweede ronde. Het is volgens hem simpelweg „gerecycled materiaal”.
Na deze week houdt het werk overigens niet meteen op. Vrijdag komt een groep vrijwilligers terug om het terrein verder op te ruimen en de laatste resten van het huttendorp te verwijderen.
Ook de spijkers die tijdens het slopen in het gras terechtkomen, worden niet vergeten. „Na die tijd gaat er een magneet zo over dat veld heen. En die pakt al die spijkers weer op”, legt Palland uit.
Van fantasie tot hut met twee verdiepingen
Dat opruimen is het sluitstuk van een week waarin het terrein juist volledig in het teken stond van bouwen. Dagelijks kwamen volgens Palland zeker 350 kinderen naar Jeugdland. Op een drukke dag werden er zelfs bijna vierhonderd verwacht.
Waarom kinderen het bouwen zo leuk vinden? „Al is het alleen maar een beetje de fantasie”, zegt Palland. Kinderen moeten zelf bedenken welke stukken hout ze pakken en hoe daar uiteindelijk een hut van moet worden gemaakt. „En samenwerken met de andere kinderen. Dat is ook een mooi ding.”
Het hoeft volgens hem allemaal niet perfect. „Als er maar een dak op zit, dan is het al mooi.” Sommige bouwers gingen duidelijk een stap verder: tussen de hutten stond er zelfs eentje met twee verdiepingen.

En zelfs de tropische temperaturen kregen de kinderen nauwelijks klein. Er was voldoende water en het terrein is groot opgezet. „Ik denk dat wij eerder beginnen te piepen dan die kinderen”, lacht Palland.
Vroeger ging de fik erin
Het contrast met vroeger kan bijna niet groter. Wie huttendorpen uit vervlogen tijden kent, weet dat de laatste dag soms juist het spectaculairst was. De zelfgebouwde houten nederzetting ging in sommige plaatsen aan het einde van de week in brand. Daarna kwam de brandweer met de grote spuit.
Geen vreugdevuur meer: de houten bouwwerken worden tegenwoordig uit elkaar gehaald. Foto: RTV Focus Zwolle
In Stadshagen mag het hout mee
Ook elders in Zwolle blijkt weggooien niet de eerste keuze. Bij Huttendorp Stadshagen in het Twistvlietpark mogen belangstellenden vrijdag 14 augustus het vrijgekomen hout zelfs gratis meenemen. Wie nog een klusproject heeft, kan zelf planken losmaken en meenemen. Een kleine donatie wordt gewaardeerd. Op een deel van het hout zit verf op waterbasis.
En in Westenholte? Marktplaats
In Westenholte krijgt het hout nóg een ander vervolg. Na Jeugddorp verscheen een complete partij gebruikte planken en balken op Marktplaats.
„Moet morgen weg”, staat prominent bij de advertentie. Het gaat om verschillende houtsoorten en afmetingen, waaronder lange planken, forse balken en hout met schors. De spijkers worden eruit gehaald en belangstellenden kunnen een bod doen.
Wat gebeurt er bij ROVA?
Het hout uit Zwolle-Zuid dat niet opnieuw wordt gebruikt, gaat na het opruimen richting ROVA. Daar worden verschillende soorten hout gescheiden verwerkt.
Volgens ROVA kan schoon hout worden gebruikt in de spaanplaatindustrie of als brandstof voor de opwekking van elektriciteit. Niet-herbruikbaar vuil hout wordt onder gecontroleerde omstandigheden verbrand. Geïmpregneerd hout wordt apart gehouden en eveneens gecontroleerd verbrand.
Een plank hoeft daarvoor overigens niet volledig spijkervrij te zijn. Kleine spijkers, nieten en andere bevestigingsmaterialen mogen volgens ROVA onder bepaalde voorwaarden nog in of aan het hout zitten.
De hut verdwijnt, het hout niet
Zo eindigt een week huttendorp tegenwoordig heel anders dan vroeger. Geen metershoge vlammen en geen brandweerslang, maar hamers, containers, een grote magneet en de vraag welke plank nog een ronde mee kan.
In Stadshagen gaat het hout mee naar huis, in Westenholte staat het op Marktplaats en in Zwolle-Zuid heeft een deel van de planken er deze zomer zelfs al twee huttendorpen op zitten.
De kinderen zijn uitgebouwd. De laatste hut is gesloopt. Maar voor een deel van het hout hoeft dit nog lang niet het einde te zijn.





