Boeren rond Zwolle maken zich zorgen over hun toekomst: ‘Drie opties, maar alle drie betekenen stoppen’
Wijthmen / Zwolle – „We kunnen hier prima mee leven.” Jorn Noordman heeft 45 koeien, doet daarnaast loonwerk en verhuurt landbouwmachines. Veel groter hoeft zijn boerenbedrijf in Wijthmen van hem helemaal niet te worden. Maar of hij op deze manier verder kan, is precies de onzekerheid die maandagavond bij tientallen boeren rond Zwolle leefde.
Met 37 trekkers kwamen zij bijeen om hun zorgen over de stikstofplannen te delen met burgemeester Peter Snijders en wijkwethouder Gerdien Rots. Want als bedrijven straks fors moeten krimpen, vrezen boeren voor hun toekomst. Noordman verwoordt het scherp: „Ze geven je drie opties. Stoppen, stoppen of stoppen. Daar komt het eigenlijk op neer.”
De bijeenkomst vond plaats op het terrein van Noordman aan de Oude Wijthemerweg, maar de boodschap kwam nadrukkelijk van een bredere groep boeren en betrokkenen uit Zwolle en omgeving. Volgens Noordman stonden er 37 trekkers en waren ongeveer zestig tot zeventig mensen aanwezig. Namens de boeren werd een gezamenlijke brief overhandigd aan burgemeester Snijders en wijkwethouder Rots. Daarna gingen de aanwezigen met de Zwolse bestuurders in gesprek.
„We moeten het geluid meer overbrengen, dat is onze mening”, vertelt Noordman een dag later aan RTV Focus. „Ik hoop dat we die boodschap goed hebben overgebracht. En dat ze daar dan ook iets mee doen.”

‘Stikstofbrief moet van tafel’
Centraal tijdens de bijeenkomst stonden de stikstofplannen die minister Van Essen op 26 juni presenteerde. In de brief aan het Zwolse gemeentebestuur zijn de boeren duidelijk: „Onze boodschap is helder: de stikstofbrief moet van tafel.” Volgens de opstellers zet het beleid het voortbestaan van agrarische bedrijven onder druk en ontbreekt voor veel ondernemers voldoende perspectief.
Vooral over de gevolgen voor de melkveehouderij bestaan grote zorgen. De boeren stellen dat de voorgestelde normen zo scherp zijn dat zelfs bedrijven die al langere tijd werken aan vermindering van stikstof en ammoniak ze mogelijk niet kunnen halen. Innovatie en emissiereducerende technieken bieden volgens hen niet altijd een oplossing, omdat daarvoor investeringen en soms nieuwe vergunningen nodig zijn.
Zorgen over krimp rond Vecht en IJssel
De boeren vrezen dat daardoor voor bedrijven uiteindelijk vooral krimp van de veestapel overblijft. In de brief waarschuwen zij dat zo’n verkleining het verdienmodel onder bedrijven kan weghalen. Vooral rondom Natura 2000-gebieden als de Vecht en de IJssel zijn de zorgen groot, omdat daar volgens de opstellers veel reductie wordt gevraagd.
In een bericht dat na de bijeenkomst onder boeren werd gedeeld, wordt gesproken over een mogelijke krimp van 40 procent. Voor veel bedrijven zou zo’n verkleining volgens de boeren financieel niet haalbaar zijn. Hun boodschap: achter de percentages zitten gezinnen, bedrijven en soms generaties die hun toekomst in het buitengebied hebben opgebouwd.

45 koeien in Wijthmen
Hoe zulke zorgen op een individueel boerenbedrijf kunnen uitpakken, wordt zichtbaar bij Noordman. Hij heeft 45 koeien en combineert het boerenbedrijf met loonwerk en de verhuur van landbouwmachines. Die combinatie werkt voor hem goed. „We zijn een klein bedrijfje. We hebben 45 koeien en dat gaat allemaal hartstikke mooi door. Dan kunnen we ook wat dingen ernaast doen en dan werkt het prima.”
Een forse verkleining van de veestapel zou die rekensom veranderen. Noordman geeft als voorbeeld wat een halvering zou betekenen: „Dan ga je naar twintig koeien.” Van alleen de huidige 45 koeien kan hij naar eigen zeggen al niet leven. „Daarom doen we er al wat bij naast.”
‘We kunnen hier prima mee leven’
Noordman heeft ondertussen helemaal niet de ambitie om zijn bedrijf steeds groter te maken. Uitbreiden is op deze plek bovendien lastig. „We zitten hier een beetje op een eilandje. Dus we kunnen niet heel makkelijk groter worden.”
Maar dat vindt hij geen groot probleem. „Voor ons hoeft het ook niet zozeer. Kijk, we kunnen hier prima mee leven.” Juist de combinatie van koeien, loonwerk en verhuur van landbouwmachines past bij het bedrijf dat hier is opgebouwd.
Die activiteiten hangen volgens hem bovendien met elkaar samen. Wanneer boerenbedrijven verdwijnen of veel kleiner worden, kan dat ook gevolgen hebben voor werkzaamheden daaromheen. „Alles hangt met elkaar samen.”
‘Drie opties, maar alle drie is niks’
Het is tegen die achtergrond dat Noordman de verschillende mogelijkheden die boeren volgens hem worden voorgehouden somber inziet. Hij noemt onder meer extensivering en het verkleinen van bedrijven. „Je hebt drie opties. Dat is stoppen, stoppen of nog een keer stoppen. Nou ja, stoppen dus. Daar komt het eigenlijk op neer.”
Voor zijn eigen relatief kleine bedrijf vreest hij dat een forse ingreep uiteindelijk het verdienmodel raakt. „Als je dat gaat doen, is het dus ook gewoon einde van je bedrijf. Dus ze geven je drie opties. Maar alle drie opties is gewoon niks.”
Het is zijn persoonlijke vertaling van een zorg die breder tijdens de bijeenkomst werd uitgesproken: boeren willen weten hoe zij onder nieuwe regels een levensvatbaar bedrijf kunnen houden en door kunnen geven aan een volgende generatie.

Opvallend veel jongeren
De aanwezige boeren wijzen zelf ook op de grote groep jongeren die maandagavond naar Wijthmen kwam. Dat zien zij als teken dat de discussie niet alleen gaat over bedrijven van vandaag, maar ook over de volgende generatie. Jongeren die een agrarisch bedrijf willen voortzetten, moeten volgens hen weten welk toekomstperspectief zij hebben.
De gezamenlijke boodschap van de bijeenkomst is daarom niet alleen dat boeren tegen onderdelen van het stikstofbeleid zijn. Ze zeggen vooral te willen blijven ondernemen, hun land en dieren te verzorgen en bij te dragen aan de leefbaarheid van het buitengebied. Daarvoor vragen zij om beleid dat in de praktijk haalbaar is.
Boeren vragen Zwolle om zich uit te spreken
De boeren willen daarbij dat de gemeente Zwolle niet alleen naar hun zorgen luistert. In hun brief vragen zij burgemeester en wethouders om achter de agrarische sector te gaan staan en hun boodschap over te brengen aan partijbesturen, Tweede Kamerfracties en bewindspersonen in Den Haag.
Daarnaast willen ze dat agrarische belangenbehartigers worden betrokken bij het landelijke overleg over stikstof. Volgens de opstellers moet het beleid meer worden gebaseerd op de daadwerkelijke staat van de natuur en minder op wat zij een „modellenwerkelijkheid” noemen.
Gemeente: ‘Goed en open gesprek’
Myon Padding, woordvoerder van de gemeente Zwolle laat weten dat burgemeester Snijders en wijkwethouder Gerdien Rots op uitnodiging van boeren uit Wijthmen en omgeving naar de bijeenkomst zijn gekomen. Zij werden volgens de gemeente gastvrij ontvangen en kijken terug op een „goed en open gesprek”.
De overhandigde brief wordt gedeeld met het college en de gemeenteraad. Daarnaast brengt de gemeente de gevolgen van de kabinetsplannen voor Zwolle in beeld en blijft zij met de landbouwsector in gesprek over wat die plannen voor boeren en voor de gemeente kunnen betekenen.
Er komt bovendien een vervolg. Tijdens de bijeenkomst is afgesproken toe te werken naar een nieuw overleg met vertegenwoordigers van de landbouwsector in Zwolle.
Hoe nu verder?
Concrete nieuwe boerenacties zijn volgens Noordman op dit moment niet gepland. Maar hij sluit niet uit dat er opnieuw actie wordt gevoerd als boeren het gevoel krijgen dat er niets met hun zorgen gebeurt. „Als ze er wat mee doen, dan houden we een keer op met acties. Maar als ze niks gaan doen en het blijft allemaal in deze vorm…”. De verdere invulling laat de veehouder open.
Voorlopig ligt de nadruk na de avond in Wijthmen op het gesprek. De gemeente gaat de mogelijke gevolgen voor Zwolle onderzoeken, de brief gaat naar college en gemeenteraad en er komt nieuw overleg met vertegenwoordigers van de landbouwsector.
Voor de boeren blijft ondertussen vooral één vraag boven de markt hangen: kunnen zij hier ook in de toekomst nog een bedrijf voeren? Noordman weet in ieder geval wat hij zelf het liefst wil. Niet enorm uitbreiden of steeds groter worden, maar verder met wat er al staat. „We kunnen hier prima mee leven.”





