Zwolle geeft bewoners tot 2000 euro voor een deelauto, maar betaalt dit juist níét
Zwolle – Samen met de buren een auto delen? Dan kunnen Zwollenaren maximaal 2000 euro subsidie krijgen. Opvallend genoeg mag dat geld niet worden gebruikt om de auto zelf aan te schaffen. De gemeente betaalt wel mee aan alles wat nodig is om het delen mogelijk te maken: van een digitaal reserveringssysteem en een slim autoslot tot de oprichting van een buurtcoöperatie.
De gemeente heeft voor de nieuwe subsidieregeling in totaal 30.000 euro beschikbaar. De subsidie bedraagt 100 procent van de goedgekeurde kosten, met een maximum van 2000 euro per initiatief.
Met het beschikbare bedrag is ruimte voor vijftien maximale subsidies. Vallen aanvragen lager uit dan 2000 euro, dan kunnen meer bewonersinitiatieven worden geholpen. Het geld wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst. Zodra de subsidiepot leeg is, houdt het op.
Auto staat vooral stil
Waarom Zwolle buurtbewoners wil verleiden om samen een auto te gebruiken? Een doorsnee auto staat volgens de gemeente gemiddeld 96 procent van de tijd stil. Al die stilstaande voertuigen nemen ondertussen wel parkeerplaatsen in beslag.
De gemeente denkt dat deelauto’s ruimte kunnen vrijmaken voor groen, voetgangers en fietsers. Voor mensen die jaarlijks minder dan ongeveer 10.000 kilometer rijden, kan een deelauto volgens Zwolle bovendien goedkoper zijn dan een eigen auto.
Geen eigen aanschaf, verzekering, wegenbelasting, onderhoud en reparaties meer. Daar staan natuurlijk wel de kosten per rit of een abonnement tegenover.
Niet voor één bewoner
Wie alleen af en toe een Greenwheels- of MyWheels-auto reserveert, kan geen 2000 euro bij de gemeente ophalen. De regeling is uitsluitend bedoeld voor bewonersgroepen en buurtcoöperaties.
Een bewonersgroep moet uit minimaal twee huishoudens bestaan. Voor een buurtcoöperatie zijn minstens vijf huishoudens nodig en moet de coöperatie bij de Kamer van Koophandel zijn ingeschreven.
De deelnemers moeten binnen een straal van één kilometer van de vaste standplaats van de deelauto wonen. Het initiatief mag bovendien niet zijn gericht op commerciële exploitatie of het maken van winst.
Dit betaalt Zwolle wel

De subsidie is vooral bedoeld voor eenmalige kosten die nodig zijn om een gezamenlijke auto deelbaar te maken. Bewoners kunnen onder meer geld krijgen voor:
- het oprichten van een buurtcoöperatie;
- het sleutelloos maken van een auto;
- een digitaal reserverings- en betaalsysteem;
- een sleutelkastje of smartlock;
- apparatuur voor ritregistratie of track-and-trace;
- het bestickeren of herkenbaar maken van de deelauto;
- promotie in de buurt en hulp bij het aanmelden van deelnemers.
Ook andere noodzakelijke kosten voor het opzetten en operationeel maken van een buurtdeelauto kunnen onder de regeling vallen.
Maar de auto zelf niet
De grootste kostenpost valt juist buiten de regeling: de aanschaf van de deelauto. Ook verzekeringen, belastingen, schade, boetes en andere doorlopende kosten betaalt de gemeente niet.
Bewoners krijgen evenmin subsidie voor hun eigen ritten, abonnementskosten of individueel gebruik. Het geld is dus niet bedoeld om goedkoper in een bestaande commerciële deelauto te rijden.
Het draait om het opzetten of uitbreiden van een gezamenlijk buurtinitiatief.
In oud-Schelle begon het met een flyer
Hoe zo’n buurtinitiatief in de praktijk werkt, lieten bewoners van oud-Schelle enkele jaren geleden al aan RTV Focus zien. Daar deelden twee groepen van in totaal vijf huishoudens hun auto’s met elkaar.
Het begon klein. Bewoners gingen met flyers langs de deuren om te ontdekken welke buren wilden meedoen. Eén groep groeide van twee naar drie gezinnen, die vervolgens samen één auto gebruikten. Een tweede groep bestond uit twee huishoudens.
“We hebben geen auto’s aangeschaft. We hebben gewoon onze eigen auto’s en die delen we samen”, vertelde initiatiefnemer Alex Dol. Volgens hem levert dat meer op dan alleen een lagere rekening: “Het is duurzamer natuurlijk, maar vooral goedkoper en bovenal veel leuker.”
Eerst was er twijfel
Voor Trudy Busweiler was afscheid nemen van een eigen auto geen eenvoudige stap. Zij en een buurvrouw vonden autodelen een goed idee, maar twijfelden aanvankelijk over de praktische gevolgen.
“Voordat wij echt zijn ingestapt en onze auto de deur uit hebben gedaan, heeft het wel even geduurd”, vertelde ze. “Je bent gewend om een eigen auto te hebben. Hoe gaat het straks en grijp je vaak mis?”
Ook vragen over reserveringen, sleutels, schade en het verdelen van de kosten moesten eerst worden opgelost.
Iedere deelnemer kreeg uiteindelijk een eigen sleutel. De auto werd via een website gereserveerd. Voor onverwachte situaties maakten de buren een gezamenlijke appgroep aan. Als iemand met spoed een auto nodig had, kon daarin worden gevraagd of een andere reservering kon worden verschoven.
Kosten nog in een schriftje
De buren hielden precies bij hoeveel kilometer iedereen reed. Verzekering, wegenbelasting en brandstof werden bij elkaar opgeteld en vervolgens onder de gebruikers verdeeld.
Dat gebeurde destijds nog opvallend eenvoudig: in een schriftje. De groep wilde later overstappen op een speciale app voor het registreren en verrekenen van de ritten.
“Het vraagt wel wat discipline om echt alles netjes bij te houden”, zei Dol. “Maar dat went heel snel en valt eigenlijk in het niet tegen de voordelen.”
Juist voor zulke praktische hulpmiddelen is de nieuwe Zwolse subsidie bedoeld. Een reserveringssysteem, rittenregistratie, een sleutelkastje of slim autoslot kan nu worden vergoed. De auto zelf niet.
Bijna iedere dag onderweg
Bang dat de deelauto vooral ongebruikt zou blijven, hoefden de bewoners niet te zijn. Volgens Busweiler werd de auto vooraf vaak pas op het laatste moment gereserveerd, maar bleek achteraf dat hij vrijwel dagelijks was gebruikt.
“Er komt eigenlijk geen dag voor dat die auto niet gebruikt wordt.”
Voor vakanties huurden de bewoners indien nodig een grotere auto. Zo hoefden zij niet het hele jaar een ruime gezinsauto voor de deur te hebben staan, alleen omdat die enkele weken per jaar nodig was.
Het project zorgde volgens de deelnemers ook voor meer contact in de straat. Andere buren boden aan dat hun stilstaande tweede auto in een noodgeval eveneens mocht worden gebruikt.
“Dan voel je ook de ruimte om bij iemand anders aan te bellen”, aldus Busweiler.
Eerst proberen met een deelauto
Ook een buurt die nog niet genoeg deelnemers heeft, maakt kans op subsidie. Sommige aanbieders plaatsen namelijk pas een deelauto wanneer een minimumaantal huishoudens toezegt mee te doen.
Daardoor kan een buurtproject vastlopen voordat de auto er staat: bewoners willen eerst ervaren of autodelen werkt, terwijl de aanbieder eerst voldoende gebruikers wil zien.
Zwolle wil die patstelling met een gesubsidieerde proef doorbreken. De aanbieder moet bereid zijn de auto tijdelijk beschikbaar te stellen en de bewoners moeten een geloofwaardig plan maken om meer buurtgenoten te laten aansluiten.
Zo’n proef duurt minimaal zes maanden. Bij de start moet een buurtactiviteit worden gehouden. Binnen drie maanden volgt nog een actie, bijvoorbeeld een informatieavond, proefritdag of campagne via flyers en buurtapps.
Van Greenwheels tot auto van de buurman
Zwollenaren hebben inmiddels meerdere mogelijkheden. Greenwheels en MyWheels bieden openbare deelauto’s aan die via een app kunnen worden gereserveerd.
OnzeAuto en MobiGo richten zich juist op vaste groepen buurtbewoners die gezamenlijk een elektrische deelauto gebruiken. Via SnappCar kunnen particulieren hun auto aan anderen verhuren. Wheelshare is bedoeld voor mensen die binnen een besloten groep een voertuig willen delen.
Bewoners kunnen het ook helemaal zelf regelen door gezamenlijk een auto te kopen en afspraken te maken over het gebruik, de verzekering en het onderhoud. De aankoop moeten zij zelf betalen; de nieuwe subsidie kan wel worden gebruikt om het deelsysteem eromheen op te zetten.
Aanvragen tot september 2027
De subsidieregeling werkt terug tot 2 september 2026 en loopt tot en met 31 augustus 2027. Bij de aanvraag moeten bewoners uitleggen hoe de auto wordt gedeeld, welke huishoudens deelnemen en voor welke kosten subsidie wordt gevraagd. Ook moet een offerte of factuur worden meegestuurd.
Per standplaats, en binnen een straal van één kilometer daarvan, wordt maar één keer subsidie verstrekt.
Meer informatie over het beginnen van een deelauto-initiatief en de verschillende aanbieders staat op de pagina over deelvoertuigen van de gemeente Zwolle.
Bewoners die hulp willen bij het opzetten van een initiatief kunnen contact opnemen met de gemeente via deelmobiliteit@zwolle.nl.




