Nieuwe voorrang bij sociale huur in Zwolle: corporaties waarschuwen voor te veel urgentie
Zwolle – Wie krijgt straks nog voorrang op een sociale huurwoning in Zwolle? De regels gaan flink veranderen. Minimaal 15 procent van de vrijkomende sociale huurwoningen moet volgens regionale afspraken naar wettelijk urgente woningzoekenden. Maar woningcorporatie deltaWonen waarschuwt de gemeenteraad om niet te veel extra groepen voorrang te geven. Anders dreigt volgens de corporatie een situatie waarin „uiteindelijk eigenlijk niemand meer urgent is”.
De waarschuwing klonk maandagavond 19 oktober tijdens een rondetafelgesprek in het Zwolse stadhuis. Gemeenteraadsleden spraken met woningcorporaties, huurdersvertegenwoordigers en welzijnsorganisaties over de nieuwe Wet versterking regie op de volkshuisvesting.
De wet, die op 1 juli 2026 grotendeels in werking trad, verplicht gemeenten om een officiële urgentieregeling vast te stellen. Opvallend genoeg heeft Zwolle die op dit moment niet. Wel werken woningcorporaties met eigen afspraken over de toewijzing van woningen, waaronder de wensmodule, spoedmodule en directe bemiddeling.
Wie krijgt straks voorrang op een woning?
De nieuwe wet wijst groepen aan die vanwege hun persoonlijke omstandigheden dringend een woning nodig hebben. Het gaat onder meer om:
- Mensen die uit de maatschappelijke opvang of beschermd wonen komen.
- Jongeren die na een verblijf in de jeugdzorg zelfstandig moeten gaan wonen.
- Mensen die uit detentie of bepaalde zorginstellingen komen.
- Mensen met een ernstige medische noodzaak om te verhuizen.
- Mantelzorgverleners en mantelzorgontvangers die aan de voorwaarden voldoen.
- Dakloze gezinnen met minderjarige kinderen die onder de wettelijke criteria vallen.
- Slachtoffers van huiselijk geweld of mensenhandel en deelnemers aan bepaalde uitstapprogramma’s voor sekswerkers.
Voor deze groepen wordt landelijk voorrang geregeld. Zwolle kan daarnaast zelf besluiten om extra groepen aan te wijzen. En juist daar maken de woningcorporaties zich zorgen over.
deltaWonen: ‘Uiteindelijk niemand meer urgent’
Petra Stuitje, programmamanager wonen met zorg bij deltaWonen, drukte de gemeenteraad op het hart terughoudend te zijn.
Volgens haar moet worden voorkomen dat de bestaande urgentiegroepen worden uitgebreid met allerlei extra categorieën. Dat kan ertoe leiden, waarschuwde zij, „dat er zoveel mensen urgent zijn dat uiteindelijk eigenlijk niemand meer urgent is”.
Die waarschuwing is nadrukkelijk bedoeld voor de gemeenteraad, die straks moet bepalen hoeveel ruimte er komt voor aanvullende urgentiegroepen.
Ook woningcorporatie SWZ ziet een belangrijk probleem. De nieuwe regels veranderen namelijk niets aan het aantal beschikbare woningen.
„In een urgentieregeling verdeel je de taart iets anders, maar de taart wordt nooit groter”, zei beleidsadviseur Mathilde Grootjans van SWZ.
Minimaal 15 procent voor urgente woningzoekenden
In West-Overijssel zijn inmiddels afspraken gemaakt over de regionale verdeling van wettelijk urgente woningzoekenden. Daarbij wordt uitgegaan van minimaal 15 procent van de vrijkomende sociale huurwoningen.
Dat betekent niet dat 15 procent van alle bestaande huurwoningen ineens een andere bestemming krijgt. Het gaat om woningen die vrijkomen doordat bijvoorbeeld een huurder verhuist.
Het percentage is bovendien geen maximum. Als meer mensen dringend een passende woning nodig hebben, moeten gemeenten volgens de regionale afspraken proberen ook voor hen huisvesting te vinden.
Statushouders vallen niet onder deze specifieke 15-procentafspraak. Voor hun huisvesting geldt een afzonderlijke wettelijke taakstelling.
Hoeveel woningen gaan nu naar statushouders?
Volgens cijfers die het Zwolse college aan de gemeenteraad verstrekte, werden in 2024 in totaal 1.334 sociale huurwoningen verhuurd. Daarvan gingen er 102 naar statushouders, oftewel 7,6 procent. In de afspraken met woningcorporaties geldt 10 procent als signaalwaarde. Zodra dat percentage in zicht komt, gaan de gemeente en corporaties met elkaar in gesprek. Het is geen harde bovengrens. De nieuwe afspraak om minimaal 15 procent van de vrijkomende woningen aan wettelijk urgente woningzoekenden toe te wijzen, staat daar los van.
Ook omliggende gemeenten moeten woningen leveren
Een belangrijke verandering is dat Zwolle niet langer in dezelfde mate de opvang en huisvesting van kwetsbare woningzoekenden uit omliggende gemeenten op zich zou moeten nemen.
Volgens beleidsadviseur Susanne Meijer van de gemeente Zwolle is het de bedoeling dat ook in andere gemeenten meer geschikte sociale huurwoningen en woonzorgvormen beschikbaar komen.
Daarbij geldt in principe het woonplaatsbeginsel. Wie bijvoorbeeld vanuit een andere gemeente in Zwolle in een opvangvoorziening terechtkomt, moet na afloop waar mogelijk weer in de oorspronkelijke gemeente kunnen wonen.
Maar wat gebeurt er als die gemeente geen geschikte woning heeft?
Stuitje legde uit dat gemeenten in zo’n geval bestuurlijk met elkaar in gesprek moeten. Een mogelijke oplossing is dat ook de financiële ondersteuning met de woningzoekende meegaat. Hoe dat precies moet worden geregeld, is nog niet uitgewerkt.
Eén urgentieloket voor de hele regio
Er wordt gewerkt aan één gezamenlijk regionaal urgentieloket. Daar moet straks worden beoordeeld wie recht heeft op urgentie en voor welke gemeente die voorrang geldt.
Volgens Stuitje is één loket voor de deelnemende gemeenten efficiënter en goedkoper dan wanneer iedere gemeente een eigen voorziening opzet.
Toch zijn er nog praktische problemen. Niet alle betrokken woningcorporaties gebruiken hetzelfde woningverdeelsysteem. Ook lopen de regio’s voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang niet overal gelijk met de woningmarktregio.
Die verschillen moeten nog worden opgelost voordat de regeling volledig kan functioneren.
Wat blijft er over voor gewone woningzoekenden?
Ondertussen maken ook de huurdersvertegenwoordigers zich zorgen. De Centrale Huurdersraad van Openbaar Belang wees tijdens het gesprek op woningzoekenden die soms negen tot tien jaar moeten wachten op een sociale huurwoning.
Voorzitter Visser vindt dat veel te lang. Hij pleitte ervoor om vooral meer sociale huurwoningen te bouwen en de aandacht niet te veel naar middenhuur te verschuiven.
deltaWonen wil dat Zwolle bij nieuwbouw vasthoudt aan 30 procent sociale huur. De nieuwe wet biedt de stad volgens de gemeente ruimte om lokaal meer nadruk te leggen op betaalbare woningen voor middeninkomens, zolang aan de regionale bouwafspraken wordt voldaan.
De vraag hoeveel woningen er straks via de gewone inschrijfduur en de spoedmodule beschikbaar blijven, werd tijdens het rondetafelgesprek niet met concrete cijfers beantwoord. Evenmin is vastgesteld of reguliere woningzoekenden door de nieuwe voorrangsregels langer moeten wachten.
Gemeenteraad krijgt laatste woord
Zwolle werkt de komende tijd aan de nieuwe huisvestingsverordening. Die moet uiterlijk 1 januari 2028 worden vastgesteld.
De gemeenteraad moet onder meer beslissen of Zwolle naast de wettelijk verplichte categorieën nog andere woningzoekenden voorrang gaat geven.
Daarmee komt een belangrijke keuze dichterbij: wie krijgt straks als eerste een sociale huurwoning, en hoe blijven er voldoende woningen beschikbaar voor mensen die al jarenlang op een huis wachten?




