BinnenlandVoorpaginaZorg & Welzijn

Vijf koppen koffie per dag? Onderzoekers zien opvallend verschil in buikvet en spiermassa

Wie dagelijks flink wat koffie drinkt, heeft mogelijk een opvallend lichamelijk voordeel. Uit nieuw Fins onderzoek blijkt dat stevige koffiedrinkers gemiddeld minder lichaamsvet en buikvet hebben én juist meer spiermassa. Toch is een extra rondje langs het koffieapparaat geen wondermiddel: de onderzoekers vonden een verband, maar hebben niet bewezen dat de koffie zelf de oorzaak is.

Onderzoekers van de University of Oulu analyseerden gegevens van 2.264 volwassenen uit Noord-Finland. Alle deelnemers waren op het moment van de metingen 46 jaar oud. Ze werden verdeeld op basis van hun dagelijkse koffieconsumptie: van mensen die helemaal geen koffie dronken tot stevige koffiedrinkers die vijf koppen of meer per dag namen.

Juist tussen die groepen kwamen opvallende verschillen aan het licht.

Minder vet, maar ongeveer dezelfde BMI

Deelnemers die meer koffie dronken, hadden gemiddeld een lager vetpercentage en minder totale vetmassa. Ook de hoeveelheid visceraal vet was lager. Dat is het vet dat zich in de buik rond de organen bevindt en in grotere hoeveelheden wordt geassocieerd met onder meer diabetes type 2 en hart- en vaatziekten.

Opvallend genoeg was de gemiddelde BMI in de verschillende koffiegroepen ongeveer gelijk. Twee mensen met dezelfde BMI kunnen dus toch een heel andere verhouding tussen vet en spieren hebben.

En daar bleef het niet bij. De stevige koffiedrinkers bleken gemiddeld ook over meer skeletspiermassa te beschikken.

Kop koffie bij een ontbijt op een terras
Stevige koffiedrinkers hadden gemiddeld minder lichaamsvet en meer spiermassa. © RTV Focus Zwolle

Vijf koppen of meer

Van de 2.264 onderzochte Finnen dronken 70 deelnemers helemaal geen koffie. Verder dronken 296 mensen dagelijks één of twee koppen, 822 deelnemers drie tot vier koppen en 1.076 mensen vijf koppen of meer per dag.

Dat laatste is in Nederland wellicht een stevige hoeveelheid, maar in Finland is koffie diep verweven met het dagelijks leven. Het land behoort al jarenlang tot de grootste koffieconsumenten ter wereld.

De onderzoekers hielden in hun analyses rekening met verschillende factoren die de uitkomsten kunnen beïnvloeden, waaronder roken, alcoholgebruik, lichaamsbeweging, opleidingsniveau en BMI.

Ook verschillen in hormonen

Niet alleen de lichaamssamenstelling viel op. Bij mannen hing een hogere koffieconsumptie ook samen met hogere waarden van totaal en biologisch beschikbaar testosteron. Tegelijkertijd werden veranderingen gezien in het eiwit SHBG, dat geslachtshormonen door het bloed vervoert.

Bij vrouwen waren de hormonale verbanden kleiner. Wel werd ook bij hen een hogere hoeveelheid SHBG gemeten naarmate zij meer koffie dronken.

Daarnaast vonden de wetenschappers bij zowel mannen als vrouwen lagere waarden van bepaalde vertakte aminozuren in het bloed, de zogenoemde BCAA’s. Langdurig verhoogde waarden daarvan worden in onderzoek in verband gebracht met onder meer insulineresistentie en diabetes type 2.

Bij mannen die meer koffie dronken, zagen de onderzoekers bovendien gemiddeld een gunstiger glucose- en insulineprofiel.

Gele kop koffie met melkschuim op een terrastafel
De deelnemers dronken uiteenlopende hoeveelheden koffie, van helemaal niets tot vijf koppen of meer per dag. © RTV Focus Zwolle

Koffie bouwt niet zomaar spieren op

Toch betekent dit niet dat koffie rechtstreeks spieren opbouwt of buikvet laat verdwijnen. Het gaat om een zogenoemd dwarsdoorsnedeonderzoek: de wetenschappers bekeken op één moment hoeveel koffie mensen gewoonlijk dronken en hoe hun lichaam op dat moment was samengesteld.

De deelnemers kregen dus niet willekeurig meer of minder koffie waarna hun lichaam gedurende langere tijd werd gevolgd. Daardoor kan niet worden uitgesloten dat andere verschillen in leefstijl een rol hebben gespeeld.

De onderzoekers benadrukken zelf dat vervolgonderzoek nodig is om vast te stellen of bestanddelen in koffie daadwerkelijk verantwoordelijk zijn voor de gevonden verschillen.

Metingen hebben beperkingen

Ook de manier waarop de gegevens zijn verzameld, vraagt om enige voorzichtigheid. De deelnemers gaven zelf op hoeveel koppen koffie zij dagelijks dronken. Hoe groot zo’n kop precies was, werd niet vastgelegd. Evenmin werd uitgebreid bijgehouden welke koffiebonen, branding, melk of suiker werden gebruikt.

De hoeveelheid vet en spiermassa werd bovendien gemeten met bio-elektrische impedantie. Daarbij wordt met een zwak elektrisch stroompje een schatting gemaakt van de lichaamssamenstelling. Die methode is praktisch bij grote groepen, maar minder nauwkeurig dan sommige uitgebreidere meetmethoden.

Daar komt bij dat slechts 70 deelnemers helemaal geen koffie dronken. De groep waarmee alle koffiedrinkers konden worden vergeleken, was dus relatief klein.

Interessant verband, geen afvaladvies

De uitkomsten zijn daarmee interessant, maar vormen geen advies om plotseling vijf of meer koppen koffie per dag te gaan drinken. Wie gevoelig is voor cafeïne kan last krijgen van hartkloppingen, onrust of slaapproblemen. Ook maakt het verschil of iemand zwarte filterkoffie drinkt of meerdere koffies met suiker, siroop en volle melk.

De veiligste conclusie is voorlopig dan ook dat stevige koffiedrinkers in deze Finse onderzoeksgroep gemiddeld minder lichaams- en buikvet en meer spiermassa hadden. Of koffie dat verschil werkelijk veroorzaakt, moet nog blijken.

Het oorspronkelijke onderzoek verscheen op 16 juli 2026 in het wetenschappelijke tijdschrift European Journal of Nutrition.

FOCUS NIEUWSBRIEF

Van het belangrijkste nieuws uit Zwolle tot de leukste weekendtips: elke donderdag in je inbox.

Lees ook dit over Zwolle