Zwolle – Wanneer iemand met kanker is geopereerd en uit het ziekenhuis ontslagen wordt, spelen naasten een belangrijke rol in de basiszorg thuis. Vaak voelen ze zich niet voorbereid op deze rol. Isala werkt mee aan een mantelzorgprogramma dat mantelzorgers leert hoe ze de juiste zorg kunnen verlenen.
Mensen die geopereerd zijn vanwege kanker, moeten vaak weken tot maanden herstellen. Na het ontslag uit het ziekenhuis spelen familieleden vaak een belangrijke rol in het verzorgen van hun naasten. De taken van de mantelzorger lijken eenvoudig. Toch voelen zij zich vaak onzeker in deze rol. Ze weten bijvoorbeeld niet precies hoe ze de juiste zorg kunnen verlenen. Daarom heeft Amsterdam UMC met steun van het KWF het mantelzorgprogramma ontwikkeld. Het betreft een studie waar ook Isala aan meedoet.
Eenvoudig leren
Klaasje Staal is samen met Inge Pelgröm studiecoördinator. ‘Patiënten die geopereerd gaan worden en van wie we weten dat ze langer dan 3 dagen worden opgenomen, vragen we of ze met hun mantelzorger mee willen doen aan dit programma,’ vertelt Klaasje. ‘Dit programma start wanneer de patiënt na operatie terugkomt op de afdeling. Het is de bedoeling dat de mantelzorger elke dag minstens 8 uur aanwezig is. Het is mogelijk om te blijven slapen.’
Doordat de mantelzorger dagelijks veel uren aanwezig is, woont hij of zij automatisch het artsengesprek bij en leert hij of zij van de verpleging hoe de basiszorg thuis moet worden verleend. Uiteindelijk weet de mantelzorger hoe hij of zij thuis de vijf dagelijkse taken moet uitvoeren. Het gaat onder andere om aan tafel eten, tandenpoetsen en mobiliseren. Soms moeten ze ook fraxiparine spuiten, dat werkt tegen bloedstolsels.
Vertrouwd persoon
Klaasje: ‘Doordat de mantelzorger ziet hoe de verpleging dit doet, ziet hij of zij ook dat het niet heel moeilijk is. Hierdoor ontstaat vertrouwen bij de mantelzorger dat ze de zorgtaken thuis kunnen voortzetten. Voor de patiënt is het fijn dat er een vertrouwd persoon aanwezig is in het ziekenhuis. Ook is het prettig dat de mantelzorger aanwezig is bij de artsengesprekken. Verder kan een patiënt dankzij dit programma vaak sneller naar huis.’
De studie van het Amsterdam UMC met betrekking tot dit mantelzorgprogramma loopt nog tot 2027, maar de eerste reacties zijn positief. ‘Ik verwacht dat wij er binnen Isala hoe dan ook mee doorgaan, ook wanneer de studie is afgerond.’
‘Het is fijn dat je weet wat je moet doen’
Maria en Stef Knipping doen mee aan het mantelzorgprogramma. Sinds Maria is geopereerd vanwege een gezwel in de galwegen, zorgt Stef voor haar tijdens haar herstelperiode. Dankzij goede uitleg weet hij precies wat hij moet doen. Nadat bij Maria een gezwel in de galwegen werd ontdekt, volgde een operatie. ‘Vóór operatie werd mij gevraagd of ik iemand ken die mee wil doen aan het mantelzorgprogramma.’ Stef wilde dat met alle liefde doen.
Na de operatie lag Maria 2 dagen op de intensive care voordat ze op een eenpersoonskamer kwam te liggen. Vanaf toen was Stef aanwezig, ook in de nachten. ‘Ik heb haar geholpen op het toilet, met douchen en tandenpoetsen. De laatste dagen dat Maria hier lag, was het mooi weer. Toen zijn we buiten gaan wandelen. Ik vond het allemaal leuk om te doen. Als je thuis bent, dan mis je veel. De gesprekken met de arts, de verpleging. Ik was er ook bij toen de uitslag er was van het weefsel. Het is allemaal schoon!’
Maria: ‘Ik vond het ook fijn dat hij er was in het ziekenhuis. Ik moest ’s nachts alleen wel regelmatig naar het toilet. Daarom zei ik op een gegeven moment: ga naar huis, jij hebt ook rust nodig.’
Toen Maria naar huis mocht, wist Stef precies wat hij moest doen. ‘Dat is me goed uitgelegd. Ik ben heel positief over dit programma.’





