Kun je straks aan iedere lantaarnpaal in Zwolle je auto opladen?
Zwolle – Het klinkt bijna te simpel: geen extra laadpaal op straat, maar gewoon de stekker in de lantaarnpaal bij jou in de straat. Bij de Maakfabriek in Zwolle wordt dat nu getest. Volgens de initiatiefnemers is het de eerste laadlichtmast van Overijssel.
De proef is extra interessant omdat er in Zwolle volgens een inventarisatie al bijna 3000 lichtmasten op een geschikte plek staan: direct naast twee parkeerplaatsen. In theorie zouden daar dus laadpunten kunnen komen zonder dat er overal losse laadpalen bij hoeven te worden gezet.
Laden in een lantaarnpaal
De laadlichtmast lijkt op het eerste gezicht op een normale lichtmast. In de paal zit echter ook een laadunit verwerkt. Automobilisten kunnen er met hun eigen laadkabel laden, zoals bij een gewone AC-laadpaal.
Volgens de initiatiefnemers is het vooral interessant omdat er geen extra paal in de openbare ruimte hoeft te worden geplaatst. Daarmee blijft er meer ruimte over op stoepen, parkeerplaatsen en terreinen.

Bijna 3000 lichtmasten staan al goed
Dat betekent niet dat straks iedere lantaarnpaal automatisch een laadpunt wordt. Voor de laadlichtmast is een nieuwe mast nodig met extra techniek en voldoende stroomcapaciteit. Ook moet de paal op een geschikte plek staan, bijvoorbeeld direct naast parkeerplaatsen.
Juist daar zit volgens de initiatiefnemers de kans. Zwolle telt volgens hen ongeveer 22.000 lichtmasten. Daarvan staat ongeveer 11 procent direct naast twee parkeerplaatsen. Omgerekend gaat het om bijna 3000 lichtmasten waar in theorie direct twee laadpunten kunnen worden gemaakt.
Als een lichtmast niet precies goed staat, kan er soms alsnog een mogelijkheid zijn. Volgens de initiatiefnemers kan een kleine verplaatsing van bijvoorbeeld een meter in sommige gevallen al genoeg zijn om twee parkeerplaatsen te bedienen.
Nieuwe lichtmast nodig
Het gaat niet om een simpele ombouw van een bestaande lantaarnpaal. Voor de proef is een nieuwe mast geplaatst. Dat komt doordat er naast de normale techniek voor de verlichting ook een aparte laadunit in de paal moet worden verwerkt.
Ook is er meer stroom nodig dan bij een gewone lichtmast. Een standaard lichtmast heeft volgens de betrokkenen te weinig vermogen om auto’s goed te kunnen laden. Daarom moet er, net als bij een gewone laadpaal, een geschikte kabel en aansluiting aanwezig zijn.

Test bij de Maakfabriek
De Maakfabriek (de oude Philipsfabriek locatie) is gekozen als testlocatie omdat het terrein wordt gezien als een plek waar nieuwe technieken in de praktijk kunnen worden uitgeprobeerd. De laadlichtmast staat op privaat terrein. Daardoor kunnen de betrokken partijen de techniek goed volgen en ervaringen verzamelen.
De eerste ervaringen zijn volgens de initiatiefnemers positief. De laadtechniek zelf is niet nieuw; het vernieuwende zit vooral in de combinatie met de lichtmast.
“Het is eigenlijk gewoon pluggen en laden. De techniek is bekend, maar de vorm is anders.”
Niet snelladen, maar normaal laden
De laadlichtmast is bedoeld voor regulier laden, niet voor snelladen. Het gaat om een AC-laadpunt, vergelijkbaar met laadpunten die veel elektrische rijders gebruiken tijdens werk, een afspraak of een langer bezoek.
Afhankelijk van de accu kan volledig laden meerdere uren duren. In de praktijk komen veel elektrische rijders echter niet met een lege accu aan. Wie bijvoorbeeld tijdens een werkdag of afspraak laadt, kan vaak voldoende bijladen om weer verder te kunnen.

Kansen bij sportclubs en bedrijventerreinen
De betrokken partijen zien ook kansen bij sportverenigingen en maatschappelijke locaties. Daar liggen vaak al aansluitingen, zonnepanelen of bestaande voorzieningen. Door laadpunten slim aan zo’n bestaande aansluiting te koppelen, kan mogelijk worden voorkomen dat er steeds een nieuwe netaansluiting nodig is.
Dat is interessant vanwege de drukte op het stroomnet. Door slim te laden kan het beschikbare vermogen worden verdeeld. Als meerdere auto’s tegelijk laden, kan het vermogen per auto omlaag. Zodra één auto klaar is, kan er meer stroom naar de andere auto’s.
Ook bij nieuwe woonwijken zou de techniek volgens de initiatiefnemers interessant kunnen zijn. Daar kunnen lichtmasten en ondergrondse voorzieningen vanaf het begin zo worden voorbereid dat later relatief eenvoudig laadpunten kunnen worden toegevoegd.
Herkenbaarheid blijft belangrijk
Een uitdaging is wel dat automobilisten moeten weten dat ze bij een lantaarnpaal kunnen laden. Wie een laadpunt zoekt, kijkt nu meestal naar een herkenbare losse laadpaal. Bij de testlocatie hangen daarom nog duidelijke bordjes bij de paal.
Op termijn zouden gebruikers moeten wennen aan het idee dat een lantaarnpaal ook een laadpunt kan zijn. Zeker op plekken waar mensen vaker terugkomen, zoals woonwijken, werklocaties of sportclubs, kan dat volgens de initiatiefnemers snel gaan.
Volgende stap
Als de proef goed verloopt, willen de initiatiefnemers kijken naar uitbreiding op andere plekken. De laadlichtmast bij de Maakfabriek moet vooral laten zien hoe de techniek in de praktijk werkt en of deze betrouwbaar genoeg is voor breder gebruik.
Voor Zwolle kan de proef een opvallende stap zijn in de zoektocht naar meer laadruimte zonder de straat verder vol te zetten met losse palen.





