Joop stond al op de vliegtuigtrap naar Málaga, toen hij een bijzonder telefoontje kreeg
Zwolle – Joop Mensink stond al op de vliegtuigtrap, klaar om naar Málaga te vliegen voor een vakantie. Precies op dat moment ging zijn telefoon. Het was iemand van de Knarrenhof-organisatie, met het bericht waarop hij zo had gehoopt: er was hem een woning toegewezen in de nieuwe Veecatenhof in Zwolle. Dat telefoontje kwam als geroepen. Joop had na een slepende strijd over zijn chalet in de bossen bij Hattemerbroek zijn geliefde woonplek moeten verlaten. Nu heeft hij een nieuw thuis gevonden achter een opvallende bakstenen toegangspoort in Stadshagen. En zijn oude bordje? Dat verhuisde gewoon mee.
Wie door de nieuwbouwwijk De Tippe in Stadshagen rijdt, kan het gebouw bijna niet missen. Rode pannendaken op verschillende hoogtes, donkere gevels en een enorme bakstenen boog met daarboven in grote letters de naam VEECATENHOF.
Het lijkt een beetje op een oude Limburgse hoeve die midden in een moderne nieuwbouwwijk is neergezet.
Maar achter die poort schuilt iets heel anders: een gloednieuwe woongemeenschap waar mensen zelfstandig wonen, maar tegelijkertijd een oogje op elkaar houden.
Donderdagmiddag 8 oktober werd de Veecatenhof officieel geopend. Met een rood lint, toespraken, muziek en bewoners die speciaal voor de gelegenheid een eigen lied hadden geschreven.
Joop moest zijn geliefde chalet verlaten
Een van die nieuwe bewoners is Joop Mensink. Veel Zwollenaren kennen hem mogelijk nog van Tabakshop Mensink en Primera Mensink in winkelcentrum Aa-landen.
Als ondernemer genoot hij jarenlang van het leven in een chalet, midden in de bossen bij Hattemerbroek. Hij had het er uitstekend naar zijn zin. Rust, natuur en een eigen plek waar hij zich helemaal thuis voelde.
Maar daar kwam een einde aan.
Volgens Joop maakte de gemeente bezwaar tegen de permanente bewoning van zijn chalet. Hij mocht er niet het hele jaar wonen. Joop liet het er niet bij zitten en vocht de kwestie zelfs bij de rechter aan.
Hij trok aan het kortste eind. Zijn geliefde huisje in het bos moest hij verlaten.
Daarna woonde hij een tijdje in IJsselmuiden. Maar zijn hoop was gevestigd op een woning in de nieuwe Veecatenhof in Stadshagen.
En toen kwam eindelijk het verlossende nieuws.
‘Ik stond al op de vliegtuigtrap’
Joop stond op het punt om voor een vakantie naar Spanje te vertrekken, toen hij werd gebeld door iemand van de Knarrenhof-organisatie.
„Ik stond al op de vliegtuigtrap en toen belden ze mij”, vertelt hij.
Er was een woning aan hem toegewezen. Zoals Joop het zelf vertelt, kreeg hij te horen dat hij er nu moest gaan wonen.
Na het gedwongen vertrek uit Hattemerbroek en zijn verblijf in IJsselmuiden kwam dat nieuws precies op het juiste moment.
Inmiddels woont hij in het bijzondere hofje in Stadshagen. En daar heeft hij het zichtbaar naar zijn zin.
Joop Mensink bij zijn nieuwe woning in de Veecatenhof. © RTV Focus Zwolle
Eén ding verhuisde absoluut mee
Joop laat zijn nieuwe woning zien. Aan de achterkant ligt een gezellig terras met een houten tafel, stoelen en bloeiende planten. Het groen van de gezamenlijke binnentuin ligt vlakbij.
Binnen valt meteen op hoe ruim en praktisch de woning is opgezet. En precies dat past volgens Joop goed bij het idee achter Knarrenhof: zelfstandig wonen, maar wel levensloopbestendig.
Douche, toilet, wasmachine, keuken en slaapkamer: alles zit beneden.
Joop wijst lachend op een opvallend detail in de indeling. De wc heeft namelijk een binnendeur naar de douche.
„Dat is een schakel naar de douche. Als er visite is, dan doe ik de clip erop. Dan kunnen ze niet via de wc in de douche. Ben ik alleen, dan kan ik via de tussendeur zo de wc in.”
Tegelijkertijd is er ook nog een trap naar boven, waar een ruime zolder is gemaakt.
Handig voor als er iemand komt logeren, zegt Joop, maar ook voor hobby’s en extra bergruimte. Bij hem staan er een bureau en flink wat kasten.
Zo combineert de woning het praktische van gelijkvloers wonen met extra ruimte boven.
En aan het hek van zijn eigen tuintje hangt een bordje met een opvallende tekst:
‘Privéterrein Joop (hier heb ik het voor het zeggen)’.
Het is geen nieuwe aankoop. Het bordje hing jarenlang al bij zijn chalet in de bossen van Hattemerbroek.
Toen hij daar moest vertrekken, nam hij het mee. En nu hangt het gewoon weer aan zijn nieuwe tuinhek in Stadshagen.
Het bordje uit Joops voormalige chalet in Hattemerbroek verhuisde mee naar zijn nieuwe tuin in Stadshagen. © RTV Focus Zwolle
Het bordje is niet alleen een grappige herinnering aan zijn vorige woonplek. Het laat ook zien hoe het leven in een Knarrenhof bedoeld is.
Want samen wonen betekent hier niet dat iedereen voortdurend bij elkaar over de vloer komt.
Joop heeft zijn eigen woning, zijn eigen terras en zijn eigen privacy. Hij bepaalt zelf wanneer hij gezelschap wil en wanneer hij liever rustig thuisblijft.
Maar als het nodig is, staan zijn buren dichtbij.
Buurvrouw moet naar de dokter? Even een berichtje
De bewoners van de Veecatenhof houden onderling contact via een gezamenlijke app.
Moet er iets geregeld worden of heeft iemand hulp nodig, dan kan dat eenvoudig worden gevraagd.
Joop vertelt over een buurvrouw die onverwacht snel naar de dokter moest, maar zelf geen auto had. Via de app werd hulp gezocht. Niet veel later was er iemand uit het hofje die haar kon brengen.
Zoiets lijkt misschien klein, maar het maakt volgens Joop juist het verschil.
En het gaat verder dan alleen een boodschap doen of iemand ergens naartoe rijden.
Bewoners houden ook een beetje in de gaten of alles goed gaat met de mensen om hen heen.
Als iemand bijvoorbeeld in huis ten val komt en de buren zien die persoon vervolgens een hele dag niet, dan zullen ze eerder eens aanbellen.
Gewoon om te kijken of alles in orde is.
Niemand hoeft hier elkaars mantelzorger te worden. En het is ook geen verzorgingshuis. Maar er is wel een vertrouwd netwerk van mensen die elkaar kennen.
Een Limburgse hoeve midden in Stadshagen?
Eenmaal buiten bij Joop valt de bijzondere architectuur van de Veecatenhof opnieuw op. De rode daken, zwarte gevels en enorme toegangspoort doen eerder denken aan een eeuwenoude boerderij dan aan nieuwbouw uit 2026.
En dat is niet helemaal toevallig.
Een van de initiatiefnemers vertelt tijdens de opening dat een toekomstige bewoner ooit met een foto van een oude Limburgse hoeve kwam aanzetten. Zo moest het worden, was zijn idee.
Maar als RTV Focus Zwolle dat verhaal even later voorlegt aan Knarrenhof-oprichter Peter Prak, moet die lachen om de vergelijking. Limburg? Het was één van de ideeën maar zo zat het volgens hem toch niet helemaal.
„Wij hadden gezegd: er moet een poort in”, legt Prak uit. Verschillende betrokkenen kwamen vervolgens met voorbeelden van poorten. Daar zat ook een Limburgse hoeve tussen, maar die heeft niet als voorbeeld voor het hele gebouw gediend.
Waarom die enorme poort?
Want die poort, vertelt Prak, is veel meer dan een mooi stukje architectuur.
Hij verwijst naar de oude ommuurde hofjes en kasteeltuinen. Vroeger konden de poorten bij gevaar dicht, zodat de mensen binnen de muren beschutting vonden.
„Het is toch een omsloten iets”, zegt Prak over het idee achter een hof.
De moderne Knarrenhof is natuurlijk geen kasteel dat verdedigd moet worden. Maar dat gevoel van een eigen, beschutte wereld speelt nog steeds een rol.
En dan zijn er nog die merkwaardige daklijnen. Het ene rode pannendak ligt hoger dan het andere, terwijl donkere gevelvlakken de gebouwen met elkaar verbinden.
Volgens Prak is dat juist een knipoog naar Zwolle. In de historische binnenstad liggen de daken immers ook niet allemaal netjes op dezelfde hoogte. De verspringende daken en donkere elementen verwijzen naar dat oude stadsbeeld.
Geen Limburgse hoeve dus, maar een beetje Zwolse binnenstad in Stadshagen.
De verspringende daken van de Veecatenhof zijn volgens oprichter Peter Prak een knipoog naar de Zwolse binnenstad. © RTV Focus Zwolle
De jongste is 54, de oudste 89
Achter de poort wonen inmiddels mensen van heel verschillende leeftijden. De jongste is 54, de oudste 89 jaar, vertelt Prak.
En dat is bewust zo bedacht.
Want wie gaat straks de gezamenlijke tuin onderhouden als alle bewoners ouder worden? Daar moet je volgens Prak nu al over nadenken.
De jongere bewoners kunnen de komende jaren vaker wat aanpakken. Later hebben ze misschien zelf hulp nodig van anderen.
Dat is het idee achter het noaberschap: een beetje naar elkaar omkijken, zonder dat iemand zijn zelfstandigheid hoeft op te geven.
Elke bewoner heeft zijn eigen woning en buitenruimte. Midden in het hof ligt een gezamenlijke tuin en er is een groot Hofhuis waar de bewoners elkaar kunnen ontmoeten.
Voor een kop koffie, een feestje of zomaar een praatje.
Achter de toegangspoort ligt de gezamenlijke binnentuin, waar bewoners elkaar gemakkelijk kunnen ontmoeten. © RTV Focus Zwolle
Vijftig woningen en een wachtlijst die maar groeit
Met vijftig woningen is de Veecatenhof volgens Prak het grootste Knarrenhof dat tot nu toe daadwerkelijk in Nederland is gebouwd.
„Dit is ons grootste hof tot nu toe”, vertelt hij.
Al zitten er nog grotere projecten aan te komen. Zo wordt volgens Prak in Zeist gewerkt aan een hof met ongeveer zestig woningen en zijn er in Delft plannen voor een project met ongeveer 130 woningen.
Aan belangstelling ontbreekt het in ieder geval niet. Prak spreekt van zo’n 73.000 belangstellenden op de landelijke wachtlijst van Knarrenhof.
Maar tussen belangstelling en daadwerkelijk bouwen zit een wereld van verschil.
„Wij rekenen meestal gemiddeld zeven jaar voor een hof, van begin tot eind”, vertelt hij.
Vooral het financieel rondkrijgen van projecten met veel huurwoningen is een flinke klus. Een Knarrenhof vraagt immers niet alleen ruimte voor huizen, maar ook voor een binnentuin en gezamenlijke voorzieningen.
De Veecatenhof is gerealiseerd door woningcorporatie SWZ in samenwerking met Stichting Knarrenhof. Nikkels Bouwbedrijf verzorgde de bouw.
Dat het in Stadshagen in ongeveer zes jaar is gelukt, is voor Prak dus bepaald geen slechte prestatie.
Knarrenhof-oprichter Peter Prak tijdens het opleverfeest van de Veecatenhof. © RTV Focus Zwolle
En dan beginnen de bewoners ineens te zingen
Donderdagmiddag is het in ieder geval feest achter de grote toegangspoort.
Bewoners staan bij elkaar, er klinkt accordeonmuziek en iemand slaat op een trommel. Dan zetten de bewoners gezamenlijk een lied in.
De melodie is vertrouwd: Het kleine café aan de haven. Maar de tekst hebben ze helemaal aangepast aan hun eigen Veecatenhof.
Ze zingen over hun woningen, de groene tuin en over buren die elkaar helpen.
„Daar wonen buren heel knus naast elkaar”, klinkt het in het refrein.
En even later zingen ze: „Daar sta je altijd indien nodig, voor elkaar klaar.”
Dat klinkt allemaal gezellig, maar de bewoners weten ook dat samenleven met zoveel mensen soms best even zoeken is.
Want iedereen heeft een eigen mening. En die kan behoorlijk verschillen, zo hebben ze in hun lied verwerkt.
Niet alleen rozengeur en maneschijn dus. Soms moet er gepraat, geluisterd en misschien een beetje ingeschikt worden.
Maar donderdag overheerst vooral de vrolijkheid. Er wordt uit volle borst gezongen en gelachen. Wie het tafereel ziet, begrijpt al snel dat hier niet alleen vijftig woningen zijn opgeleverd.
Er is ook een buurt ontstaan.
De bewoners vieren de oplevering van hun nieuwe hof met een zelfgeschreven lied. © RTV Focus Zwolle
Een rode strik en een naam met geschiedenis
Ook de officiële opening krijgt een feestelijk tintje. Wethouder Anja Roelfs knipt met een grote schaar het rode lint door bij een gedenkplaat aan de gevel.
Wethouder Anja Roelfs knipt het lint door tijdens de officiële opening van de Veecatenhof. © RTV Focus Zwolle
Op de plaat staat ook het verhaal achter de naam Veecatenhof. Die verwijst naar het vroegere dorp Veecaten bij Zalk, dat ooit in bezit was van de heren van Buckhorst.
Een stukje geschiedenis uit de IJsselstreek heeft daarmee een nieuw plekje gekregen in Stadshagen.
En Zwolle heeft sowieso iets bijzonders met Knarrenhof. In 2017 opende hier de Aahof, het allereerste Knarrenhof van Nederland.
Negen jaar later is er nu een tweede hof bij gekomen.
Op de plaquette staat ook de gedachte waar alles om draait: liever een goede buur dan een verre vriend.
Joop heeft het laatste woord
Voor Joop Mensink is dat inmiddels dagelijkse werkelijkheid.
Hij moest zijn geliefde chalet bij Hattemerbroek verlaten, woonde een tijd in IJsselmuiden en kreeg uiteindelijk het verlossende telefoontje dat hem een nieuwe woning opleverde.
Nu heeft hij weer een eigen plek. Met een terras, bloemen, een ruime woning en buren die naar elkaar omkijken.
En aan zijn tuinhek hangt nog altijd dat oude bordje uit Hattemerbroek.
‘Privéterrein Joop (hier heb ik het voor het zeggen)’.
Want hoe gezellig het ook is in de Veecatenhof, over zijn eigen tuintje heeft Joop nog altijd het laatste woord.












